
Twintig jaar lang is het pensioenfonds je belangrijkste inkomstenbron: op dit moment verwacht een gemiddelde Nederlandse vrouwelijke gepensioneerde dat zij 20 jaar lang tijd voor het merendeel van haar inkomen afhankelijk is van het pensioenfonds. Een mannelijke gepensioneerde heeft een iets kortere verwachting, maar verwacht daarna een goed nabestaandenpensioen, dus ook in dat geval verwacht een echtpaar 20 jaar lang voldoende geld te ontvangen uit het fonds.
En het belang stijgt alleen maar: de levensverwachting stijgt snel én het private pensioen stijgt sneller dan de AOW.
Daarbij hoort een maatschappelijke verantwoordelijkheid en die daalt maar zachtjes in. Toch is de dik EUR800 miljard pensioenvermogen meer dan drie keer de begroting van minister Bos en overtreft zij vele malen de hedgefondsen en private equity bij elkaar. EUR800 miljard is zelfs veel meer dan heel Nederland in één jaar verdient.
De afgelopen twee jaar is er veel ophef geweest over twee veel kleinere spelers: hedgefondsen en private equity. Deze twee spelers zouden zich als sprinkhanen of roofridders gedragen in onze markteconomie.
De vraag is op dat moment wat de andere grote spelers op de kapitaalmarkt doen: gedragen die zich als sprinkhanen of angsthazen? Roofridders of misschien kruisvaarders, die strijden voor het heilige doel en daarbij niet door iedereen begrepen worden.
Wanneer hedgefondsen vragen krijgen, kijkt niemand daar van op. Maar pensioenfondsen lijken daar nog niet helemaal aan gewend. Toen Zembla onthulde welke beleggingen pensioenfondsen hadden, wist zelfs een aantal bestuurders daar niets van af.
Gelukkig is de reactie van de pensioenfondsen snel geweest en wordt er nu stukken beter nagedacht en gecommuniceerd over de beleggingsstrategie. Verder zijn sommige beleggingen in de pensioensector 'not done', ook al zijn ze wettelijk niet verboden. De sector heeft een bepaalde vorm van zelfregulering heel positief opgepakt en daarmee houd je de wetgever toch op afstand.
Een tweede probleem dient zich nu aan met de OPTAS-affaire. Het pensioenfonds in de Rotterdamse haven is in de jaren 90 verzelfstandigd en omgevormd tot verzekeraar. Vervolgens sneden de bestuurders elke band en elk overleg met de haven door. De gelden rendeerden aardig en uiteindelijk werd de verzekeraar inclusief beklemd vermogen verkocht voor EUR1,3 miljard aan AEGON. Zelf kon OPTAS het beklemd vermogen niet uitgeven, juist vanwege de beklemming. Door de verkoop kon AEGON het aan haar reserves toevoegen, wachtend op het overlijden van de laatste rechthebbende. OPTAS kon door deze operatie het geld, dat beklemd was en is voor pensioenen, gewoon gaan uitgeven voor haar favoriete doel: kunstprojecten, heel veel kunstprojecten.
De havenarbeiders en hun nabestaanden krijgen ondertussen nauwelijks indexatie op hun pensioenen en schieten er duizenden euro's bij in. Je kunt een lange vraag stellen of de operatie legaal was en binnen de wet. Je kunt er natuurlijk ook gewoon aan denken dat je met dit soort partijen via zelfregulering gewoon geen zaken meer doet, totdat het allemaal is opgelost.
Pieter Omtzigt
Tweede Kamerlid CDA